In opdracht van het WODC en op aanvraag van het ministerie van JenV voerden we een beknopte procesevaluatie uit naar vier (kleinere) maatregelen van de Wet uitbreiding slachtofferrechten (WUS). We onderzochten in hoeverre de maatregelen worden uitgevoerd zoals beoogd en welke verbeteringen in de uitvoering mogelijk zijn. Hieronder zetten we per maatregel kort uiteen wat onze bevindingen en conclusies zijn.
De politie moet door deze maatregel slachtoffers informeren wanneer en waarom zij geen kopie van aangifte krijgen. De standaardwerkwijze van de politie verandert hierdoor van ‘geen kopie meegeven, tenzij…’ naar ‘wel een kopie meegeven, tenzij…’. Vooral bij zeden-, mensenhandel- en huiselijk geweld zaken leidt dit tot een verandering. De informatiepositie van het slachtoffer wordt hiermee versterkt. De implementatie van de maatregel verliep grotendeels volgens plan en de randvoorwaarden zijn op orde, maar structurele monitoring ontbreekt en de aandacht voor de maatregel lijkt afgenomen. Het is niet duidelijk of de maatregel ook leidt tot het vaker meegeven van een kopie van de aangifte. We bevelen daarom aan dit te monitoren en de maatregel opnieuw onder de aandacht te brengen bij de betrokken teams.
In de verklaring van rechten van het slachtoffer zijn aanvullende informatierechten opgenomen. Hierdoor weten slachtoffers beter welke rechten zij hebben en wordt hun informatiepositie versterkt. De aanpassing in de verklaring is goed verlopen en geïmplementeerd. Verdere verbeteringen zijn niet nodig.
Deze maatregel houdt in dat in de wet is vastgelegd dat het spreekrecht altijd moet plaatsvinden voor het requisitoir van de OvJ. Dit is goed geïmplementeerd, mede omdat dit in de praktijk vaak al plaatsvond. Het exacte moment van spreken kan echter verschillen per rechter en rechtbank (voor of na het bespreken van de persoonlijke omstandigheden). Dit maakt dat het voor slachtoffers niet precies duidelijk is wanneer ze mogen spreken. We bevelen aan dit in de communicatie naar het slachtoffer (bijvoorbeeld op de website van het OM) te verduidelijken.
Met deze maatregel is in de wet vastgelegd dat slachtoffers recht hebben op vertaling van stukken in de tenuitvoerleggingsfase. De implementatie is goed verlopen doordat het OM en CJIB (die stukken versturen in deze fase) gebruik kunnen maken van bestaande werkprocessen. In de praktijk gebeurde dit ook al.
Lees hier het volledige rapport.