De Werkloosheidswet (WW) biedt werknemers inkomenszekerheid bij werkloosheid. In 2015 voerde de overheid met de Wet werk en zekerheid (Wwz) de volgende twee maatregelen in: het verkorten van de maximale WW-duur van 38 naar 24 maanden en het vertragen van de opbouw van WW-rechten na tien arbeidsjaren. Het doel? Activering, het voorkomen van langdurige werkloosheid en beheersing van de kosten.
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vroeg Significant om te onderzoeken wat het effect was van deze maatregelen. Hoe beïnvloeden ze de duur van werkloosheid, de kans op werkhervatting en de kwaliteit van werk? En wat betekent dit voor de uitkeringslasten?
We onderzochten zowel de korte als de lange termijn effecten door beschrijvende en econometrische analyses op CBS-microdata en UWV-gegevens. Dit deden we voor de twee maatregelen afzonderlijk: de maximering die vooral oudere WW-gerechtigden treft en de vertraagde opbouw die vooral jongere WW-gerechtigden treft.
Significant heeft met een gedegen kwantitatieve analyse inzichtelijk gemaakt wat het inkorten van WW-rechten daadwerkelijk oplevert. Deze inzichten vormen waardevolle input voor toekomstige beleidskeuzes. Uit ons onderzoek blijkt dat de duurverkorting van de WW het beoogde doel heeft bereikt: meer activering en beheersing van de kosten. We benadrukken daarbij dat de geconstateerde effecten sterk samenhangen met de conjunctuur en alleen gemiddelde uitkomsten weergeven. In een minder gunstige arbeidsmarkt kunnen de resultaten namelijk anders uitvallen, en voor individuele gevallen – vooral kwetsbare groepen – kan het verkorten van WW-rechten negatief uitpakken. Het is daarom essentieel dat bij toekomstig beleid rekening wordt gehouden met deze groepen, zodat het beleid ook in moeilijke tijden recht doet aan iedereen.
Meer weten? Lees het volledige rapport hier of neem contact met ons op.