Op papier lijkt het antwoord eenvoudig: bij deelname aan een re-integratietraject. Maar in de praktijk blijkt de indeling van activiteiten en voorzieningen door gemeenten allesbepalend. Wat de ene gemeente ziet als een traject richting werk (en dus recht geeft op KOT), kan een andere gemeente juist als sociale activering zonder recht op KOT indelen. Dit verschil kan grote gevolgen hebben voor de mogelijkheden tot re-integratie van ouders in de bijstand en uiteindelijk hun kans om uit de bijstand te komen.
Gemeenten organiseren vanuit de Participatiewet verschillende activiteiten en voorzieningen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zij hanteren hiervoor doorgaans drie verschillende categorieën:
Gemeenten hebben beleidsvrijheid in de toewijzing van activiteiten aan de drie categorieën. Er is momenteel geen overzicht van hoe gemeenten activiteiten indelen, noch hoe dit het recht op KOT beïnvloedt. In opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft Significant APE daarom een verkennend onderzoek uitgevoerd naar het recht op KOT in de praktijk met als centrale vraag in hoeverre het ontbreken van het recht op KOT ouders in de bijstand belemmert in hun re-integratie en arbeidsparticipatie.
Het onderzoek bestond uit een documentenstudie, verkennende interviews met landelijke stakeholders, casestudies bij zeven gemeenten en data-analyse. Het doel van de data-analyse was om de omvang van de groep bijstandsouders in de verschillende categorieën in beeld te brengen. De casestudies bij zeven gemeenten vormen de kern van het onderzoek en geven inzicht in de lokale indeling in categorieën, besluitvorming over casuïstiek en ervaren belemmeringen. Per onderzochte gemeente bestudeerden wij beleidsdocumenten en interviewden beleidsmedewerkers, re-integratieconsulenten en/of kinderopvangmakelaars en (in sommige gevallen) ouders in de bijstand.
Bijstandsouders hebben recht op KOT als zij deelnemen aan re-integratietrajecten, activiteiten die vallen onder categorie A en B. Participatievoorzieningen oftewel activiteiten en voorzieningen uit categorie C geven geen recht op KOT. Het is doorgaans duidelijk welke activiteiten en voorzieningen gemeenten onder categorie A indelen, maar de indeling in categorie B en C is echter minder duidelijk. In de praktijk bepalen de meeste onderzochte gemeenten op basis van de afstand tot de arbeidsmarkt van de bijstandsouder – of die afstand kort of lang is – of een activiteit wordt gelabeld als re-integratie of niet.
Staatssecretaris Nobel heeft in een kamerbrief toegezegd dat hij aan de slag gaat met een van onze aanbevelingen: samen met VNG wordt een leidraad opgesteld voor gemeenten met goede voorbeelden en juridische duiding van de indeling van activiteiten.
Neem contact met ons op of lees het rapport.